‘De zorgen hebben mem veranderd’

Thea de Haan-Zuidema (42) komt als verzorgende IG bij de Thuiszorg regelmatig bij mensen met dementie over de vloer. Daar weet ze precies hoe ze moet handelen. Maar als het opeens haar eigen vader is bij wie alzheimer geconstateerd wordt, blijkt haar hart soms iets heel anders te zeggen dan haar verstand.  

‘Ik weet vanuit mijn professie heel goed hoe ik met dementie om moet gaan, maar ik merk dat ik als dochter van niks weet. Ik weet bijvoorbeeld dat heit geen rem heeft in eten, dus ik weet ook dat ik hem beter een appel kan geven. Maar als ik hem dan naar die gevulde koek zie kijken, geef ik hem toch die koek.

Ik vind dat heel lastig: wanneer ga je professioneel met je ouders om en wanneer als dochter? Ik probeer het contact zoveel mogelijk als dochter in te steken, maar ik vertel mem wel wat ik bij anderen zie. Mem is heel positief, dat is haar overlevingsmechanisme. Toen heit in het begin nog kon traplopen, zei ze bijvoorbeeld heel vaak: “Straks kunnen we weer fietsen.” Dat was totaal niet realistisch, dat heb ik toen ook tegen haar gezegd, maar zij heeft dat heel lang volgehouden. Dat maakte het voor heit nog lastiger, omdat hij wel door had hoe graag ze weer samen wilde fietsen.’

Overspannen
‘Het is nu ruim een jaar geleden dat de diagnose vasculaire dementie in combinatie met Alzheimer bij heit is gesteld. Daarnaast is heit door een beroerte halfzijdig verlamd. De gezondheidssituatie heeft veel impact gehad op de relatie van mijn ouders. Heit had een eigen installatiebedrijf, maar was al een paar jaar thuis. Ze dronken ’s ochtends samen een bakje koffie en deden dan elk hun ding. Mem had een heel groot sociaal netwerk, deed heel veel voor de maatschappij. Dat is allemaal weg. Heit kan zijn dagindeling zelf niet meer overzien, mem moet bijna alles doen.

Mem wil heel graag voor heit zorgen, maar het is zwaar voor haar. Ze heeft altijd een zwak gestel gehad qua lichaam, maar omdat haar karakter heel sterk is, gaat ze steeds door. Ze ontkent het, maar ik denk dat ze al twee jaar overspannen is. Alle zorgen hebben mem veranderd. Ze voelt zich eenzaam omdat ze zich niet begrepen voelt. Sinds kort krijgt ze steun van maatschappelijk werk en ze heeft veel aan de huisarts.

Heit gaat elke week acht dagdelen naar de dagbesteding in het nabijgelegen zorgcentrum. Ik zou graag zien dat hij daar meer gestimuleerd wordt. Ze doen niet veel meer dan zitten, koffie drinken, slapen en soms een keer een spelletje. Heit is liever lui dan moe, maar als hij op de juiste manier gestimuleerd wordt, onderneemt hij wel dingen. Verder slaapt hij twee nachten per week in het zorgcentrum. Dat is puur om mem te ontlasten, al is ze het daar zelf niet helemaal mee eens. Heit en mem willen graag bij elkaar zijn. Ik ben bang dat mem er zonder deze vrije uren nog sneller doorheen komt te zitten en dat heit dan opgenomen moet worden. Daar hebben we het ook over. Mem en ik hebben altijd al goed kunnen praten. We denken verschillend over bepaalde zaken, maar dat beïnvloedt onze relatie niet. Dat is fijn.’

Samen zingen
‘Er komt straks een moment dat heit niet meer zelf kan slikken. Daar praat ik met mem over, ik probeer het heit ook uit te leggen. Dan schrikt hij, kijkt me aan en klopt op mijn hand. Alsof hij wil zeggen: “Het is goed, mijn dochter”. Ik laat hem dan weten dat ik er ook dan voor hem ben. Dan merk ik dat heit weer wat rustiger wordt. Over het levenseinde praten we eigenlijk nauwelijks, maar wij zijn Christen en een keer in de maand is er zingen. Daar gaan heit en ik heen. Dan zingen we samen de liedjes van vroeger. Dat is heel emotioneel. Soms zegt hij dan: “Het is goed zo.”’

Geen reacties op "'De zorgen hebben mem veranderd'"

    Plaats een reactie

    Het e-mail adres wordt niet gepubliceerd